Liz van Duin

Presentation 72e Vakantiecursus

De zomer van 2018 was de droogste zomer sinds 1976 en de warmste sinds 1901. Dit leidde onder meer tot sterk dalende grondwaterstanden, lage rivierafvoeren en daarmee gepaard gaande verzilting, schade in landbouw- en natuurgebieden, problemen voor de scheepvaart, waterkwaliteitsproblemen en verzakkingen. De economische schade is geraamd op 900 – 1.650 miljoen euro, waarvan het overgrote deel (820 – 1.400 miljoen euro) in de landbouwsector. De zomer van 2019 was opnieuw droog, maar nu vooral in het oosten en zuiden van Nederland. Op de hoge zandgronden was het neerslagtekort in 2019 vergelijkbaar met 2018.

Wat betekenen deze extreme zomers voor onze samenleving ? Hoe gaan we om met deze onzekerheden, wat leren we van deze droge zomers voor ons beleid en waar is aanpassing noodzakelijk? Hoe kunnen we water beter vast te houden en de Rijn bevaarbaar houden, op lange termijn en in het dagelijks waterbeheer ? Welke adaptatiestrategieën zijn mogelijk voor de watergebruikende functies op het land?

Over deze beleidsvragen wordt eind 2019 aan de Tweede Kamer gerapporteerd. In de inleiding wordt ingegaan op de belangrijkste aanbevelingen om in de toekomst weerbaarder te worden tegen watertekorten.

Over de spreker